Ambities werk en zekerheid Coalitieakkoord 2026-2030
Nieuws
02 februari 2026
Hier vindt u informatie over de ambities met betrekking tot werk en zekerheid die in het coalitieakkoord zijn opgenomen.
Nederland vergrijst en het aantal arbeidsongeschikten neemt fors toe, waardoor de houdbaarheid van de sociale voorzieningen onder druk staat. Het huidige arbeidsongeschiktheidsstelsel is bijna onuitvoerbaar en loopt vast. We krijgen veel signalen van onze leden dat de lange en hoge loondoorbetalingskosten bij ziekte een te grote last vormen voor werkgevers en dat verschillende maatregelen elkaar tegenwerken. Hier lijkt het Kabinet nu aandacht aan te willen besteden.
Voor de korte termijn zijn de volgende ambities van het nieuwe Kabinet van belang voor u als werkgever:
- De loonbetaling bij ziekte wordt meer werkbaar gemaakt voor werkgevers, met name voor kleine werkgevers. Voor de lange termijn wordt het stelsel van ziekte en arbeidsongeschiktheid fundamenteel herzien, met als doel de instroom in regelingen te verkleinen. De focus komt te liggen op begeleiding naar werk en investeren in re-integratie, vanaf de eerste periode van ziekte.
- Belemmeringen in de Wet Poortwachter worden weggenomen om re-integratie te versnellen en gezamenlijke inspanningen voor herstel te bevorderen. Dit omvat het wegnemen van onduidelijke verplichtingen, onzekerheid over sancties, en onvoldoende maatwerk en contactmogelijkheden tussen werkgever en werknemer.
- Per 2030 wordt de Inkomensvoorziening volledig arbeidsongeschikten (IVA) afgeschaft. Onder meer om de grote achterstanden van UWV bij de sociaal-medische (her)beoordelingen te verkleinen. Ook wordt werk gemaakt van taakherschikking bij sociaal-medische beoordelingen en scherpere voorwaarden bij het aanvragen van herbeoordelingen.
- Er komt een driejarige pilot gericht op het actief naar Nederland halen van goed geschoolde krachten met toegevoegde waarde voor sectoren. Hierbij worden eisen gesteld aan onder andere salaris en huisvesting.
- De Zelfstandigenwet wordt gefaseerd ingevoerd, maar men behoudt het rechtsvermoeden van werknemerschap: bij een uurtarief van € 36 of minder wordt juridisch ‘vermoed’ dat de zzp’er deze arbeid verricht volgens een arbeidsovereenkomst. Ook worden sectoren aangewezen waarbij het rechtsvermoeden bestaat van schijnzelfstandigheid. De bewijslast voor het zzp-schap ligt in die gevallen bij u als werkgever.
- Het afspiegelingsbeginsel bij ontslagprocedures wordt rekening gehouden met persoonlijke omstandigheden.
- Er komt een nieuwe ontwikkelingsregeling (Leven Lang Ontwikkelen) gericht op tekortberoepen en -sectoren in de vorm van een stelsel van individuele leerrechten.
- De transitievergoeding wordt opnieuw ingericht om van-werk-naar-werk te stimuleren. Werkgevers die voldoende hebben geïnvesteerd in bij- en omscholing of zich maximaal hebben ingezet rondom re-integratieverplichtingen uit de Wet Poortwachter, betalen minder of geen transitievergoeding meer. De compensatie transitievergoeding wordt afgeschaft voor grote én kleine werkgevers.
- De WW wordt hoger en verkort naar één jaar, en de opbouw en rechten worden aangescherpt. Per 2030 stijgt de WW-uitkering in de eerste twee maanden van werkloosheid van 75% naar 80% van het loon. Tegelijkertijd wordt de referte-eis verscherpt naar 42 van de 52 weken gewerkt en gaat de opbouw van WW-rechten naar een halve maand per gewerkt jaar. Van-werk-naar-werk wordt de hoofdroute.
- Per 2029 wordt het maximumdagloon voor alle relevante uitkeringsregelingen verlaagd met 20%. Dit betekent dat de hoogste inkomens een lagere uitkering krijgen en u voor hen minder premie hoeft te betalen. Een nog onbekende lastenverzwaring komt hiervoor in de plaats.
- Het arbeidsongeschiktheidsstelsel wordt activerender gemaakt richting medewerkers, met een betere samenwerking tussen bedrijfsarts en verzekeringsarts, meegroeiende re-integratie en meer voorwaarden voor WIA-beoordelingen.
- De AOW-leeftijd wordt per 2033 direct verhoogd met het stijgen van de levensverwachting, in plaats van voor twee derde.
- Het verlofstelsel wordt vereenvoudigd.
- Het maximaal pensioengevend loon blijft van 2027 t/m 2032 gelijk (€137.800).
- Er komt ruimte om werknemers te helpen met het sneller aflossen van hun studieschuld door gebruik van de werkkostenregeling.
- Ondernemingen en burgers moeten een ‘vrijheidsbijdrage’ gaan betalen. Voor werkgevers komt de bijdrage uit een verhoging van de aof-premie (met dezelfde verhouding tussen het lage en hoge tarief).
De meeste plannen zijn niet concreet uitgewerkt. Dat zal de komende jaren gebeuren, waarbij de minderheidscoalitie steun moet zoeken bij oppositiepartijen. Zodra de plannen concreet worden, zullen wij u hierover informeren en zo nodig actie ondernemen richting overheid.
Lees hier het volledige Coalitieakkoord-2026-2030