Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG)
28 april 2024Voor wie is deze wet bestemd
De Wet beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) is van toepassing op thuiszorgorganisaties en zorgorganisaties werkend met zelfstandig zorgverleners. Verpleegkundigen vallen als individuele beroepsbeoefenaren onder de wet BIG.
Op grond van art. 34 van deze wet is de opleiding tot en de deskundigheid van de verzorgende individuele gezondheidszorg nader geregeld (Besluit verzorgende in de individuele gezondheidszorg).
Inleiding
Op 9 november 1993 heeft de Eerste Kamer het wetsvoorstel Beroepen in de individuele gezondheidszorg (BIG) aangenomen. De Wet BIG bevat regels voor zorgverlening door beroepsbeoefenaren en beoogt de bevordering van de kwaliteit van de beroepsbeoefening en de bescherming van de patiënt.
Het doel van deze wet
De wet BIG is een kwaliteitswet die beoogt de cliënt te beschermen tegen ondeskundig en onzorgvuldig handelen door de beroepsbeoefenaar.
Inhoud en toepassing van de wet
De Wet Beroepen in de Individuele Gezondheidszorg (BIG) bevat regels voor de kwaliteit van de zorgverlening door beroepsbeoefenaren in de gezondheidszorg. De wet formuleert een aantal beschermde beroepstitels (bijv. arts, of verpleegkundige). Ook mogen alleen vakbekwame zorgverleners bepaalde (be-)handelingen uitvoeren. Dit zijn de zogeheten voorbehouden handelingen. Aan de beroepsbeoefenaren kunnen tuchtmaatregelen, maatregelen wegens ongeschiktheid en strafmaatregelen worden opgelegd (tuchtrecht).
Alleen de beroepsbeoefenaar die in het BIG-register is ingeschreven mag de door de wet beschermde titel voeren. Hiermee is voor iedereen na te gaan of een bepaalde beroepsbeoefenaar terecht een beschermde titel voert.
De Wet BIG maakt onderscheid tussen zorgverleners die zelfstandig bevoegd zijn en zorgverleners die niet zelfstandig bevoegd zijn om voorbehouden handelingen uit te voeren. De wet geeft per voorbehouden handeling aan welke zorgverleners zelfstandig bevoegd zijn. Voor de meeste voorbehouden handelingen zijn dit artsen, tandartsen en verloskundigen. Sinds 2012 mogen ook verpleegkundig specialisten en ‘physician assistants’ bepaalde taken zelfstandig uitvoeren, zoals injecties geven en geneesmiddelen voorschrijven.De zorgverlener die zelfstandig bevoegd is, beslist of hij de voorbehouden handeling zelf uitvoert of opdraagt aan een andere zorgverlener.
De Wet BIG bepaalt niet welke zorgverlener een voorbehouden handeling mag uitvoeren, maar wel onder welke omstandigheden. Ook stelt de Wet BIG algemene regels en voorwaarden voor de uitvoering. Het toepassen van die regels is een zaak voor de zorgverleners onderling en de instelling waar zij werkzaam zijn. Niet zelfstandig bevoegde zorgverleners kunnen onder voorwaarden in opdracht van een zorgverlener die wel zelfstandig bevoegd is voorbehouden handelingen uitvoeren. De belangrijkste voorwaarde is dat de opdrachtnemer bekwaam is om de voorbehouden handeling uit te voeren. Als de opdrachtgever of de opdrachtnemer niet voldoet aan de voorwaarden, is hij strafbaar.
De bevoegdheidsregeling voorbehouden handelingen in de Wet BIG geldt voor alle zorgverleners in de individuele gezondheidszorg. Patiënten, ouders en familieleden die niet beroepsmatig voorbehouden handelingen uitvoeren, vallen daar niet onder. Zo mag een diabetespatiënt bij zichzelf insuline spuiten. En ouders mogen een sonde inbrengen bij hun verstandelijk gehandicapte kind dat niet zelfstandig kan eten of drinken.
Gevolgen van deze wet voor Zorgthuisnl leden
Het op peil houden van de bekwaamheid is een verantwoordelijkheid van de individuele beroepsbeoefenaar en de werkgever. Dit kan door:
- het voldoen aan vastgestelde opleidingseisen;
- bijscholing en toetsingen;
- handelingen frequent te verrichten (gebruikelijk is gemiddeld eenmaal per 2 maanden).
Als werkgever bent u verantwoordelijk voor het verzorgen van de bijscholingen ten behoeve van de deskundigheidsbevordering op medisch technische en voorbehouden handelingen. Er worden met betrekking tot de termijn van scholing verschillende frequenties aangehouden; in het document “stappenplan voorbehouden handelingen” van de Raad BIG (december 1996) wordt gesproken over een termijn van 2 jaar. Dit is een advies; essentie is dat de individuele medewerker bevoegd en bekwaam is op het moment dat de handeling uitgevoerd moet worden.
In samenwerking met anderen heeft Zorgthuisnl de handleiding ‘Voorbehouden handelingen bij verpleging, verzorging en thuiszorg’ uitgebracht. Deze handleiding geeft huisartsen, specialisten ouderengeneeskunde en VVT-zorgorganisaties handvatten om zorgmedewerkers op verantwoorde wijze voorbehouden handelingen te laten uitvoeren.
Sinds 1 januari 2009 is herregistratie in het BIG-register verplicht. Herregistratie is van belang als de beroepsbeoefenaar wil blijven werken in het beroep van inschrijving. Betrokken functionarissen krijgen van het CIBG (beheerder van het BIG-register) een brief om de herregistratie in gang te zetten.
Wijzigingen tuchtrecht
Per 1 april 2019 zijn er een aantal zaken veranderd op het gebied van het tuchtrecht. Zo verandert de publicatieplicht bij niet-beroepsbeperkende maatregelen en kan er aan een beroepsbeoefenaar een breed beroepsverbod worden opgelegd. Verder is het voor de IGJ mogelijk om direct in te grijpen bij patiëntgevaar en kan een vrijwillige doorhaling (doorhaling op eigen verzoek) niet meer voorkomen dat een tuchtmaatregel openbaar wordt gemaakt.
Wetsvoorstel BIG-II (LET OP: najaar 2019 is dit wetsvoorstel ingetrokken)
Dit wetsvoorstel beoogt het beroep van regieverpleegkundige in artikel 3 van de Wet BIG op te nemen. Ook wordt het deskundigheidsgebied van de verpleegkundige geactualiseerd, met het oog op een duidelijker onderscheid tussen mbo- en hbo-opgeleide verpleegkundigen. Daarnaast worden de eisen voor herregistratie uitgebreid.
Regieverpleegkundige, Mbo- en inserviceopgeleide verpleegkundigen
Op 6 juni 2019 heeft minister Bruins de overgangsregeling gepubliceerd in het kader van toegang tot het (nieuwe) register van regieverpleegkundigen, relevant voor alle hbo-, mbo- en inserviceopgeleide verpleegkundigen. Daarbij wordt onderscheid gemaakt tussen hbo-v opgeleiden van vóór 2012, opgeleiden vanaf 2012, mbo-inservice opgeleiden met een verpleegkundige vervolgopleiding op NLQF-6 en zonder die vervolgopleiding.
Eind juli 2019 liet minister Bruins weten dat inmiddels zoveel onrust is ontstaan over de overgangsregeling, dat opnieuw overleg daarover nodig is. Lees hier de Kamerbrief van 25.07.2019. In het najaar van 2019 maakte minister Bruins bekend dat het ingediende wetsvoorstel BIG II definitief wordt ingetrokken. Meer informatie in het document met veelgestelde vragen hierover kunt u hier nalezen.
Hoe het verder gaat, wordt in de tweede helft van 2020 helder. De minister gaat een
verkenning doen om te komen tot een lange termijn visie ten behoeve van een
toekomstbestendige Wet BIG. Hij betreft daar het advies van de Raad voor
Volksgezondheid en Samenleving bij, getiteld ‘De B van Bekwaam. Een
toekomstbestendige Wet BIG´.